Zeehonden, eten allerlei soorten vis, inktvissen en schaaldieren, die ter plaatse voorkomen. Zeehonden hebben gevoelige snorharen, waarmee ze gemakkelijk vissen kunnen opsporen,stromingen aanvoelen etc. De oren zijn afsluitbaar tijdens het zwemmen.(kleine gaatjes aan zijkant), en in de zomermaanden verharen ze. Ze bewegen zich voort met hun achtervinnen. De paartijd vindt plaats in Augustus, en in juni-half Juli worden de jongen geboren, vaak op de drooggevallen zandplaten. De jongen moeten binnen een paar uur al kunnen zwemmen, en ze worden dan nog ca 4 to 5 weken gevoed door de moeder, spelenderwijs leren ze zelf visjes, garnalen te vangen en moeten daarna op eigen kracht aan hun voedsel zien te komen.
De laatste jaren zien we aan de walcherse kust, en op de banken in de Westerschelde steeds regelmatiger zeehonden of robben (Zeeroofdieren)en ook bruinvissen verschijnen. Hier zien we o.a. de grijze zeehond en de gewone zeehond. Er zijn in totaal wel meer dan 30 zeehonden soorten, zoals bijv.ook in Europa o.a.de Ringelrob, Zadelrob en de Klapmuts. De grijze zeehond is groter, dan de andere zeehonden, en er is een verschil tussen het mannetje en vrouwtje, behalve een verschil in gewicht heeft het vrouwtje een lichtbruine vacht met donkere stippen, terwijl het mannetje een donkerbruine vacht met lichte stippen heeft. Bij gewone zeehonden, is dat verschil niet te zien. Het verschil tussen beide soorten, de gewone heeft een ronde zeehondenkop met v-vormige neusgaten, terwijl die bij de grijze meer afgeplat is.
De stranden van walcheren, die bekend zijn om hun paalhoofden.
Op de stranden van Walcheren zijn om de ongeveer 200 meter versterkte, open paalhoofden aangebracht. Deze paalhoofden hebben vooral de taak de kust-eroderende werking van de getijdenstroom af te zwakken. Ze staan er al zo'n 600 jaar en de rijen houten palen horen op de Zeeuwse stranden, vinden veel Zeeuwen. De Zeeuwse paalhoofden zijn nu op de lijst van het cultureel erfgoed geplaatst. De paalhoofden, hoewel hinderlijk bij een strandwandeling, verdienen dus wel degelijk respect en waardering. De vaak meer dan 700 palen van een paalhoofd hebben lengtes van 3,50, 4,00 en 4,50 meter en meer, met een doorsnede van ongeveer 20 cm. Ze zijn van europees eikenhout .
Deze stevige houtsoort behoudt minstens 15 tot 25 jaar zijn goede eigenschappen.
Deze palenrijen zijn op de lijst van beschermd cultureel erfgoed gezet.
De bruinvis (Phocoena phocoena) is de kleinste tandwalvis van de Noordzee. De Noordzee is niet rijk aan walvisachtigen en de bruinvis is enige soort die steeds in onze (kust)wateren aanwezig is. Bruinvissen hebben een kop-romp lengte van 135-190 centimeter en hebben een donkere bruingrijze tot zwartbruine rug met lichte flank en een witte buik . In de 17e eeuw werden bruinvissen ook wel zeevarkens genoemd. Dit omdat ze een vette huid hebben en omdat ze een knorrend geluid kunnen maken. Varkensvis ook wel genoemd, omdat er vroeger jacht op werd gemaakt. De bruinvis is een viseter, die vooral haring, wijting, gul en zeegrondel vangt.Deze vinden ze d.m.v. Echolocatie. Ze worden steeds vaker in de Noordzee en ook voor de kust van Walcheren waargenomen.